Abortuswet kan vrouwvriendelijker

De evaluatie van de Wet Afbreking Zwangerschap (Wafz) vraagt om een aantal aanpassingen om de abortuszorg vrouwvriendelijker te maken, stelt Rutgers. De rol van de huisarts moet duidelijker. Huisartsen zouden onder bepaalde voorwaarden een abortuspil moeten kunnen voorschrijven. Ook pleit Rutgers ervoor de vaste bedenktijd van vijf dagen af te schaffen. Om te zorgen dat de abortuswetgeving tegemoet komt aan de keuzevrijheid en behoeften van vrouwen, moet er bovendien meer onderzoek gedaan worden onder vrouwen zelf. Op 30 september wordt de evaluatie besproken in de Tweede Kamer.

Iedereen heeft recht heeft op juiste informatie, goede abortuszorg en goede toegang daartoe. De Wet Afbreking Zwangerschap (Wafz) maakt abortus onder bepaalde voorwaarden mogelijk in Nederland, en de evaluatie van die wet wordt binnenkort besproken. De algemene conclusie uit het evaluatieonderzoek is dat er goede abortuszorg is in Nederland en dat de abortuswet goed functioneert. We hebben één van de laagste abortuscijfers van Europa.

Toch zijn er een aantal verbeteringen nodig in de wet- en regelgeving om te zorgen dat vrouwen ook daadwerkelijk keuzevrijheid en betere toegang tot abortus hebben. Rutgers onderstreept hiermee vier van de aanbevelingen die de onderzoekers doen in het rapport, en onderbouwt deze ook in een reactie. Er is hierbij ook gekeken naar wat er in andere landen gebeurt en hoe dat werkt.

Duidelijker taak voor de huisarts

Niet iedereen heeft goede toegang tot abortus. Huisartsen blijken niet altijd goed bekend met de richtlijnen voor begeleiding van vrouwen die een zwangerschapsafbreking overwegen en voor nazorg bij een abortus. Ook hebben ze zelf niet altijd goede kennis van de abortuszorg. Van de 95 huisartsen in de evaluatie zijn er 11 die vanwege principiële bezwaren cliënten niet doorverwijzen naar een abortuskliniek. In de Wafz staat namelijk dat een arts medewerking aan een zwangerschapsafbreking mag weigeren. Iedereen die ongewenst zwanger is zou (ook) informatie moeten krijgen over de optie om een zwangerschap af te breken en waar je dan terecht kunt, vindt Rutgers. Hoewel je zonder verwijzing terecht kunt bij een abortuskliniek, komt het merendeel (64%) via de huisarts.

Abortuspil bij de huisarts

Een ander aandachtspunt voor een betere toegang en meer keuzevrijheid, is het mogelijk maken dat huisartsen medicatie kunnen voorschrijven die een vroege zwangerschap afbreekt, de zogenoemde abortuspil. Steeds meer vrouwen kiezen voor medicatie in plaats van een instrumentele behandeling (curettage). Uit verschillende studies blijkt dat dit ook prima via de huisarts kan. In Engeland, Frankrijk en Zweden kun je voor een abortuspil al bij de huisarts of verloskundige terecht.

Ik weet het zeker en ik wil het nu

Van de vrouwen die naar een abortuskliniek gaan heeft 73% op dat moment al een weloverwogen besluit genomen. De verplichte 5 dagen bedenktijd die vervolgens gaat gelden is dan onnodig belastend. Een zwangerschap laten afbreken is geen lichtvaardig besluit, ook al ben je er 100% zeker van. Elke dag dat je langer ongewenst zwanger bent en langer moet wachten op een behandeling, is dan extra belastend. Het kan zijn dat je door die verplichte 5 dagen bedenktijd niet meer in aanmerking komt voor een behandeling met medicatie, maar een curettage moet ondergaan. In het eerste evaluatierapport van de Wafz uit 2005 is al aanbevolen om de vaste bedenktijd af te schaffen, maar daar is destijds geen gehoord aan gegeven. Ook de huidige evaluatie geeft aan dat dit herzien moet worden. In veel andere landen is de beraadtermijn afgeschaft of ingekort.

Te weinig vrouwen ondervraagd

Voor het evaluatieonderzoek is een brede groep professionals ondervraagd die hulp verlenen aan cliënten met een onbedoelde zwangerschap of in de abortuszorg werkzaam zijn. Slechts 50 vrouwen zijn ondervraagd die ervaring hebben met abortuszorg. Rutgers pleit voor een grootschaliger representatief en periodiek onderzoek naar de ervaringen van vrouwen met abortuszorg en de keuzevrijheid die ze hierin ervaren.

Lees hier hoe we tot deze aanbevelingen gekomen zijn